Deel 4: Thomson als politicus

  1. Kazerne in Leeuwarden (rechts) (collectie Mr C. Niemendal Groningen)
  2. Briefkaart verkiezingscomité Liberale Unie, 1905 (IMG, Den Haag)
  3. Notulen gemeenteraad Den Haag van 13 juni 1913 (IMG, Den Haag)
  4. Scheveningen 23, Majoor Thomson (collectie A. Bijer Niezijl)
  5. Spotprent door Braakensiek (collectie De Groene Amsterdammer)

Als compagniescommandant in Leeuwarden (A) komt Thomson in conflict met zijn regimentscommandant. Nu zijn positie binnen de krijgsmacht kritiek wordt stelt hij zich in het district Leeuwarden kandidaat voor de Tweede Kamerverkiezingen van 1905 (B). Hij verslaat onder meer de socialist Wibaut en wordt lid van de Kamer. Vier jaar later zal hij Troelstra verslaan, voordat die in 1913 de zetel overneemt. Deze socialist waardeert het ijveren voor democratische opvattingen in het leger door zijn liberale voorganger. Van 1909 tot 1913 maakt Thomson tevens deel uit van de gemeenteraad van Den Haag. Hij pleit onder meer voor het benutten van bioscopen om leerlingen te onderrichten en voor een betere ambtelijke voorbereiding van de raad (C). Vanwege zijn inspanningen voor de vissershaven worden de Scheveningen 23 (1915-17) en later de Sch. 5 (1917-25) naar Thomson vernoemd (D). Bij de regeringscrisis van 1911, mede veroorzaakt door Duymaer van Twist, wordt ook Thomson genoemd als nieuwe minister van Oorlog, maar het wordt Colijn (E). In 1912 zal Thomson door Colijn uitgezonden worden als militair waarnemer op de Balkan.