4. Veroveringen van Israël 1948

Nadat de Verenigde Naties eind 1947 Palestina opdelen in een Arabische staat, een Joodse staat en een internationaal gebied rond Jeruzalem en Bethlehem breekt er een burgeroorlog uit tussen Arabische en joodse inwoners in dit Britse mandaatgebied. Over en weer worden wreedheden begaan. Zionistische paramilitaire organisaties die de grenzen van de te vormen joodse staat verdedigen, beginnen maart 1948 met veroveringen buiten de gebieden hun toegewezen door VN-resolutie 181 (aangegeven door de witte lijnen tegen blauwe achtergrond). Hun voornaamste doel is om de verbinding tussen Tel Aviv en Jeruzalem te herstellen. Als de Britten zich in mei terugtrekken breidt de strijd zich uit tot een conventionele oorlog tussen de nieuwe staat Israël en de omliggende Arabische landen. De voorzitter van de Arabische Liga verklaart: ‘Het geeft niet hoeveel (joden) er zijn. We drijven ze de zee in’.

De ‘Kaart van de veroveringen van Israël’ in het dagblad Ma’ariv toont in blauw de gebieden die onder controle staan van de Israëlische strijdkrachten. De tegenstanders staan in blauw hebreeuws vermeld. Volg de nieuwe grenzen met de klok mee. Midden in het noorden staat Fawzi el Kawakji, commandant van het Arabische bevrijdingsleger. Ten oosten daarvan hebben Syrische milities zelfs een kleine inham veroverd op de Israëliërs. Ten westen van Nabloes staan Irakese troepen. Ten westen van Ramallah staat het Arabische legioen onder Glubb Pasha (de Britse beroepsmilitair John Bagot Glubb) waar koning Abdullah van Transjordanië zijn hoop op vestigt. Ten noorden van Gaza-stad staan Egyptische colonnes. Op 23 juli 1948 is het vroegere mandaatgebied Palestina, op de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook na, in handen van de joodse staat. Wapenstilstanden worden pas begin 1949 gesloten.

Mappat kibboesjee Jisra’el, Kaart van de veroveringen van Israël, in: Ma’ariv 23 juli 1948, Tel Aviv

Mappat kibboesjee Jisra’el, Kaart van de veroveringen van Israël, in: Ma’ariv 23 juli 1948, Tel Aviv